Direct naar de inhoud
Terug naar de opdracht
Bron: wikiHow

Escher-technieken verdiepen: onmogelijke figuren tekenen

Teken een onmogelijke Penrose-driehoek via drie verschillende constructiemethodes: de klassieke opbouw, de haakjesmethode en de zeshoekmethode.

Groep:
groep 6, groep 7, groep 8
Tijdsduur:
60 minuten
Niveau:
gemiddeld
Groepsvorm:
individueel
Naam: ____________________________Datum: ______________
Constructie van een onmogelijke Penrose driehoek

Wat heb je nodig?

  • Isometrisch ruitjespapier of blanco tekenpapier
  • Geodriehoeken en lange linialen
  • Tekenpotloden (HB voor schetsen, 2B/4B voor schaduw)
  • Zwarte fineliners (0.3 of 0.5 mm)
  • Gum en puntenslijper

Wat leer je?

  • Het werk en de meetkundige principes van graficus M.C. Escher begrijpen
  • Onmogelijke geometrische figuren (Penrose-driehoek) stap voor stap construeren met meetkundig gereedschap
  • Isometrische projectie en 3-tonige schaduwtechniek beheersen voor maximale ruimtelijke suggestie
  • Nauwkeurig werken met geodriehoek, liniaal en contrastarcering
  • Verschillen en overeenkomsten tussen drie constructiemethodes voor dezelfde onmogelijke figuur herkennen en vergelijken
  • Flexibel kunnen wisselen van tekenmethode wanneer een gekozen aanpak vastloopt

⚠️ Let op — Veiligheid

Geen risico's.

Stappenplan

  1. 1

    Stap 1

    De Nederlandse graficus M.C. Escher was een meester in het misleiden van het brein met onmogelijke figuren zoals de Penrose-driehoek. Deze bron laat drie verschillende manieren zien om zo'n onmogelijke driehoek zelf te tekenen. Methode 1 - de klassieke opbouw: Stap 1: Teken met potlood een gelijkzijdige driehoek als basis. Stap 2: Trek langs één zijde twee lijnen die parallel lopen aan de rand, met steeds dezelfde tussenruimte. Stap 3: Herhaal dit voor de andere twee zijden, zodat je drie driehoeken in elkaar ziet. Stap 4-6: Kies steeds een zijde van de binnenste driehoek en trek het uiteinde van de lijn door tot aan de middelste en vervolgens de buitenste driehoek; herhaal voor alle zijden. Stap 7: Gum korte stukjes weg zodat elke rand op een gespiegelde 'L' lijkt, waardoor het beeld driedimensionaal oogt. Stap 8: Trek korte haakse lijntjes bij de hoeken om de randen af te werken. Stap 9: Gum de punten weg die buiten het 3D-model vallen. Stap 10: Voeg desgewenst arcering of schaduw toe voor extra ruimtelijk effect. Methode 2 - de compacte haakjesmethode: Stap 1: Teken een driehoek en verleng de hoeken iets. Stap 2: Trek vanuit die punten lijnen parallel aan de binnenste driehoek, net buiten de hoeken uitstekend. Stap 3: Teken de kleine 'haakjes' bij de hoeken. Stap 4: Verbind de hoeken met de laatste lange lijnen. Stap 5: Klaar. Methode 3 - vanuit een zeshoek: Stap 1: Teken een zeshoek met afwisselend lange en korte zijden (eenvoudig door de hoeken van een gelijkzijdige driehoek af te snijden). Stap 2: Zet een kleinere, gelijkzijdige driehoek in het midden van de zeshoek. Stap 3: Trek een lijn van een hoek van de binnenste driehoek naar een hoek van de zeshoek. Stap 4: Herhaal voor de andere twee zijden. Stap 5: De onmogelijke driehoek is klaar.

Voorbeelden

Methode 3 stap 1: een zeshoek met afwisselend lange en korte zijden tekenen
Methode 3 stap 2: een kleinere driehoek in het midden van de zeshoek zetten
Methode 3 stap 3: een lijn trekken van een driehoekshoek naar een zeshoekshoek
Methode 3 stap 4: dit herhalen voor de andere twee zijden